Direct naar inhoud
Blog

Wat als je niet op de juiste woorden kunt komen?

Bij digitale toegankelijkheid denken we al snel aan mensen die blind zijn, slechtziend zijn of moeite hebben met het bedienen van een website. Maar er zijn ook beperkingen waar we een stuk minder over horen. Afasie is daar een goed voorbeeld van.

Inhoudsopgave

Mensen met afasie hebben moeite met taal. Dat kan betekenen dat je niet op een woord kunt komen, een zin niet goed begrijpt of moeite hebt met lezen en schrijven. Best lastig, aangezien zo’n beetje het hele internet uit taal bestaat.

In juli 2026 verscheen een onderzoek naar de digitale ervaringen van mensen met afasie. Een mooie aanleiding om eens wat dieper in deze beperking te duiken. Want wat houdt afasie precies in en wat kunnen we doen om websites toegankelijker te maken?

Wat is afasie precies?

Afasie is een taalstoornis die ontstaat door schade aan de hersenen, meestal na een beroerte. Het kan verschillende onderdelen van taal beïnvloeden. Sommige mensen weten precies wat ze willen zeggen, maar kunnen de juiste woorden niet vinden. Anderen praten juist heel vloeiend, maar gebruiken verkeerde woorden of hebben moeite met het begrijpen van zinnen.

Er bestaan verschillende vormen van afasie. Bij afasie van Broca heeft iemand bijvoorbeeld vooral moeite met het vormen van zinnen. Bij afasie van Wernicke kan iemand juist vloeiend praten, maar moeite hebben met taalbegrip. In de praktijk zijn die verschillen niet altijd zo duidelijk en kunnen de gevolgen per persoon behoorlijk uiteenlopen.

Belangrijk om te weten is dat afasie niets zegt over iemands intelligentie. De beperking heeft betrekking op taal, niet op hoe slim iemand is.

Wat betekent afasie voor het gebruik van websites?

In het onderzoek uit juli 2026 spraken onderzoekers met mensen met afasie, hun naasten en zorgprofessionals. Daaruit bleek dat alledaagse online handelingen behoorlijk ingewikkeld kunnen zijn.

Neem bijvoorbeeld een zoekfunctie. Om iets te vinden, moet je eerst bedenken welke woorden je gaat invoeren. Vervolgens moet je de zoekresultaten lezen en misschien je zoekopdracht aanpassen. Voor iemand die moeite heeft met het vinden of begrijpen van woorden, kan dat behoorlijk frustrerend zijn.

Ook lange teksten en ingewikkelde instructies kunnen problemen opleveren. Denk aan een formulier waarin je gegevens moet controleren, documenten moet uploaden en vervolgens een foutmelding krijgt die je niet begrijpt. Allemaal kleine handelingen die samen een flinke uitdaging kunnen vormen.

Het interessante is dat een website technisch prima toegankelijk kan zijn, terwijl iemand met afasie er alsnog moeite mee heeft.

Wat kunnen we doen om te helpen?

Gelukkig zijn er best wat dingen die we als ontwerpers, developers en contentschrijvers kunnen doen. En veel daarvan zijn helemaal niet ingewikkeld.

  1. Vermijd onnodig jargon en ingewikkelde zinnen. ‘U dient de benodigde documentatie voorafgaand aan de afspraak te overleggen’ kan bijvoorbeeld ook gewoon ‘Stuur de documenten vóór uw afspraak op’ zijn. Eenvoudige taal betekent overigens niet dat je kinderachtig moet schrijven.
  2. Een duidelijke afbeelding of pictogram kan helpen om informatie beter te begrijpen. Bijvoorbeeld een afbeelding van een identiteitsbewijs bij de instructie om je ID mee te nemen. Zorg er wel voor dat afbeeldingen iets toevoegen en niet alleen ter decoratie dienen.
  3. Sommige mensen met afasie hebben vooral moeite met lezen, anderen juist met het begrijpen van gesproken taal. Schermlezertoegankelijkheid, afbeeldingen of een korte samenvatting kunnen helpen. Geef gebruikers vooral de keuze.
  4. Niet iedereen komt zelfstandig door een digitaal proces heen. Zorg daarom dat mensen eenvoudig contact kunnen opnemen wanneer ze vastlopen. Een telefoonnummer of andere passende contactmogelijkheid kan dan een wereld van verschil maken.

En hoe zit het met WCAG?

WCAG bevat verschillende succescriteria die ook mensen met afasie kunnen helpen. Denk aan duidelijke instructies, begrijpelijke foutmeldingen en voorspelbare interacties.

Maar niet alle aanbevelingen voor mensen met afasie zijn verplicht onder WCAG niveau A en AA. Zo is eenvoudig taalgebruik niet als algemene eis opgenomen op deze niveaus.

Je kunt dus prima aan WCAG voldoen en alsnog een website hebben die voor iemand met afasie ontzettend moeilijk te gebruiken is.

Niet iedereen heeft dezelfde ondersteuning nodig

Wat ik vooral interessant vind aan afasie, is hoe verschillend de gevolgen kunnen zijn. Waar de ene persoon veel heeft aan afbeeldingen, is iemand anders misschien meer geholpen met gesproken informatie of eenvoudigere teksten.

Er is dus niet één oplossing waarmee je een website voor iedereen met afasie toegankelijk maakt. Daarom blijft het belangrijk om mensen met afasie zelf te betrekken bij het ontwerpen en testen.

Mijn belangrijkste inzicht uit dit onderzoek? We kunnen een website technisch toegankelijk maken, maar daarmee weten we nog niet of iedereen de informatie ook daadwerkelijk kan begrijpen en gebruiken. En dat is een goede reden om af en toe wat verder te kijken dan alleen de WCAG-succescriteria.

Geschreven door

Profielfoto van Fabio Bindels van Level Level
Fabio Bindels Accessibility specialist

Helpt organisaties om digitale toegankelijkheid praktisch en structureel te organiseren. Met een achtergrond in front-end development kijkt hij vooral naar wat er in de praktijk écht werkt.

Gepubliceerd op: